Stamboom Vennik

Heyndrick Dirk Mors

Mannelijk ca. 1527 - 1603  (~ 76 jaar)


Persoonlijke informatie    |    Aantekeningen    |    Gebeurteniskaart    |    Alles    |    PDF

  • Naam Heyndrick Dirk Mors 
    Roepnaam Heyn 
    Geboren ca. 1527  Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats 
    Geslacht Mannelijk 
    Overleden 15 jun 1603  Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats 
    Persoon-ID I50116  Stamboom Vennik
    Laatst gewijzigd op 18 okt 2012 

    Vader Dirk Mors,   geb. ca. 1500, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats 
    Verwantschap geboorte 
    Verwantschap geboorte 
    Gezins-ID F1513873115  Gezinsblad  |  Familiekaart

    Gezin 1 Anna,   geb. ca. 1535, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats 
    Getrouwd 1560  Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats 
    Type: civil 
    Kinderen 
     1. Cornelis Hendriks den Uijl (Uul),   geb. ca. 1560, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats,   ovl. 6 mei 1616, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd ~ 56 jaar)  [geboorte]
     2. Dirkje Hendriksdr Mors,   geb. ca. 1563, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats,   ovl. 19 dec 1605, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd ~ 42 jaar)  [geboorte]
     3. Marrigje Hendriksdr Mors den Uijl,   geb. ca. 1565, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats,   ovl. 19 dec 1605, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd ~ 40 jaar)  [geboorte]
     4. Adriaan Hendriksz Mors,   geb. 1566, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  [geboorte]
     5. Jan Hendriksz Mors,   geb. ca. 1570, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats,   ovl. 1591, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd ~ 21 jaar)  [geboorte]
     6. Beligje Hendriksdr Mors den Uijl,   geb. 1572, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats,   ovl. 1612, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd 40 jaar)  [geboorte]
     7. Marrigje Hendriksdr (de jonge) Mors,   geb. 1573,   ovl. 15 jun 1603  (Leeftijd 30 jaar)  [geboorte]
    Laatst gewijzigd op 29 mrt 2020 
    Gezins-ID F1513872925  Gezinsblad  |  Familiekaart

    Gezin 2 IJchgen Adriaansdr,   geb. 1535,   ovl. 7 feb 1604, Langerak Zoek alle personen met gebeurtenissen in deze plaats  (Leeftijd 69 jaar) 
    Getrouwd 1575 
    Type: civil 
    Laatst gewijzigd op 29 mrt 2020 
    Gezins-ID F1513872928  Gezinsblad  |  Familiekaart

  • Gebeurteniskaart
    Link naar Google MapsGeboren - ca. 1527 - Langerak Link naar Google Earth
    Link naar Google MapsGetrouwd - Type: civil - 1560 - Langerak Link naar Google Earth
    Link naar Google MapsOverleden - 15 jun 1603 - Langerak Link naar Google Earth
     = Link naar Google Earth 
    Pin Legenda  : Adres       : Locatie       : Stad/Dorp       : Gemeente/Graafschap       : Staat/Provincie       : Land       : Nog niet ingesteld

  • Aantekeningen 
    • http://www.den-uijl.nl/genealogy/119.htm

      Op de plaats waar Hendrick woonde ('t Waal, nu een buurtschap ten oosten van Langerak) is ooit (waarschijnlijk al in de Middeleeuwen) een dijkdoorbraak geweest waarbij een wiel is ontstaan; na deze dijkdoorbraak is de dijk niet rechtdoor hersteld, maar om het wiel heen gelegd (pas eeuwen later is de dijk weer rechtgetrokken; een deel van de oude dijk is nog in het landschap zichtbaar als het straatje "Waal" dat vanaf de Lekdijk landinwaarts loopt). Hierdoor ontstond een halfronde "uitstulping" van de Lek landinwaarts, die later langzaam verzand is. Dit is misschien het moeras waar "Mors" naar verwijst, hij woonde aan het eind van zijn leven ernaast.

      Hendrik Dirks Mors bezit in Langerak twee weren land van ieder zeven morgen, veertien morgen totaal. In het Utrechts archief bevinden zich in de stukken van de Staten van Utrecht twee lijsten met het oudschildgeld van Langerak12. De 'oude aenbrengh' dateert van ver voor 1550 en de tweede, 'de nieuwe aenbrengh' vermoedelijk uit de jaren '90 van de zestiende eeuw. Op de eerste lijst wordt Hendrik Dirks niet vermeld, hetgeen te verwachten was. Het is niet te zeggen of op deze lijst de vader van Hendrik voorkomt. Zoals vermeld in de inleiding, is Dirk in die periode een veel voorkomende naam.
      Zeker is, dat Hendrik Mors de beide weren niet van zijn vader geerfd heeft. Op de tweede lijst staat voor het eerste weer: de Heilige Geest tot Langeraeck, nu Henrick Dircx Mors, 7 mergen, eigenaar en gebruiker. en voor het tweede weer: Gerret Cornelis en erfgenamen, nu Henrick Dircx Mors, 7 mergen.

      Te oordelen naar de lijst van 'de nieuwe aenbrengh', moet men Hendrik Dirks Mors rekenen tot de beter gesitueerden van Langerak. Op deze lijst komen slechts enkele personen voor, die meer bezitten dan 14 a 15 morgen, uiteraard de Heer van Langerak niet meegerekend. Daarenboven treft men op de laatste lijst eveneens zijn oudste zoon aan, die dan eigenaar is van een weer van 6 1/2 morgen.
      Zeven kinderen van Hendrick Mors, drie zoons en vier dochters, zijn volwassen geworden. Twee van deze zeven kinderen overlijden voor hun vader. In juli 1591, ruim tien jaar voor zijn overlijden, moet Hendrick meemaken, dat zijn zoon Jan door messteken om het leven wordt gebracht. De dader ontvlucht Langerak. Voor het gerecht van Langerak is een proces geweest waarbij de (afwezige) dader onder andere tot een hoge geldboete en levenslange verbanning uit de heerlijkheid wordt veroordeeld. Bijna drie jaar na de doodslag op zijn zoon sluiten Hendrick Mors en zijn overige kinderen een overeenkomst met de dader en diens familie. De familie Mors zal financiele genoegdoening krijgen van de dader (of diens familie) en zal zich dan niet verzetten tegen een eventuele kwijtschelding van de straf, die de dader is opgelegd. Kwijtschelding of vermindering van een dergelijke zware straf kan alleen gegeven worden door het Hof van Utrecht. In een dergelijk geval is het niet ongebruikelijk de dader af te schilderen als een goed mens en de schuld bij het slachtoffer te leggen.
      Na het overlijden van Hendrik Mors ontstaat onenigheid tussen zijn tweede vrouw, de weduwe IJchgen Adriaans, en zijn kinderen. De geschillen zijn ten dele tussen de weduwe en enkele kinderen afzonderlijk, maar ook tussen de weduwe en alle kinderen samen. En uiteraard, niet te vermijden, tussen de kinderen onderling. Waarschijnlijk is Hendrik zelf debet aan de onenigheid. Hij zou voor zijn overlijden zijn kinderen hun moederlijk erfdeel nog niet uitbetaald hebben. De geschillen leiden tot processen voor schout en schepenen van Langerak.

      Het is Belitgen Hendriks, vermoedelijk de jongste dochter van Hendrik Mors, die de aanval opent op haar stiefmoeder. Het gerecht doet bij deze eerste zitting geen uitspraak en vindt dat Beligje terug moet komen op de volgende rechtdag met haar broers en zusters, de overige erfgenamen van haar overleden vader. Zij allen zijn betrokken bij het geding. De weduwe is kennelijk niet bereid zo lang te wachten en drie weken later daagt zij de kinderen voor het gerecht op een buitengewone rechtdag. De kinderen protesteren tegen de kosten voor deze buitengewone zitting van het gerecht. Zij vinden dat gewacht had kunnen worden op de volgende reguliere zitting. Beide partijen worden gesteund door een procureur. De eiseres, waarschijnlijk moe gewordenvan alle ruzies, wil de kinderen dwingen tot een boedelscheiding binnen 24 uur. De kinderen zijn daartoe niet bereid en eisen eerst uitbetaling van hun 'moeders goed' en een schriftelijke inventaris van de boedel van hun overleden vader. Als dat gedaan is, zijn zij bereid over te gaan tot loting en verdeling van de boedel. De weduwe laat weten dat de kinderen voldaan zijn van hun moeders goed en toont een beschikking die op dezelfde dag gedaan is. Zij daagt de kinderen uit onder ede te verklaren niet voldaan te zijn. Het gerecht bepaalt dat de eiseres de verzochte inventaris zal leveren binnen drie dagen. Verder moeten de erfgenamen twee dagen daarna op vrijdag den 17de juni elk afzonderlijk onder ede verklaren of zij voldaan zijn van hun moeders goed of niet. Daarna kan overgegaan worden tot scheiding van de boedel. Op de volgende buitengewone rechtdag, twee dagen later, verklaren de schepenen de eis van de weduwe tot boedelscheiding te komen, voor gerechtvaardigd. De weduwe zal dus een inventaris geleverd hebben. De schepenen bevelen partijen met elkaar voor zonsondergang van de volgende dag 'int vruntlick te loten' en de boedel in twee gelijke delen te splitsen, tenzij eventuele huwelijksvoorwaarden tussen IJchgen Adriaansen wijlen Hendrik Dirks Mors anders bepalen. 'Ende bij aldien zijluiden de voorn[oemde] lotinge inden voors[egde] tijd niet alzo met den anderen in vruntschappen zouden doen, maar enige weigerich bleven, zoo zal de willige ende geinteresseerde jegens den maandag eerstcomende schout ende schepenen doen citeren, te compareren ter plaatse in kwestie, om dezelve lotinge tot costen vande onwillige gerechtelijk gedaan te worden'. De schepenen houden een stok achter de deur. Zij eisen een minnelijke schikking. Zo niet, dan zullen zij de boedel laten verdelen op kosten van de dwarsligger(s). De uitbetaling van het moederlijk erfdeel van de kinderen blijkt toch niet helemaal rond te zijn, ondanks de eerdere beschikking van de weduwe. Mochten enkele gedaagde erfgenamen nog aanspraak maken op zaken en goederen die in het sterfhuis van hun moeder aanwezig waren, dan zal de weduwe hem of haar de waarde daarvan vergoeden. Natuurlijk moeten de erfgenamen aan kunnen tonen, dat zij terecht aanspraak maken op die zaken. Uitbetaling hiervan dient vooraf te gaan aan de verdeling van de opbrengst van de verkoop van het meubilair na het overlijden van Hendrik Mors. Beide partijen worden veroordeeld in een gelijk deel van de kosten van het rechtsgeding.

      Dan blijft het enige maanden rustig en het lijkt erop dat de afwikkeling van de nalatenschap van Hendrik Mors tot ieders tevredenheid gedaan is. Maar op 29 november wordt de weduwe weer voor het gerecht gedaagd, nu door de oudste zoon van Hendrik Mors, Cornelis Hendricx Uul, en een van zijn schoonzoons Philip Bastiaens. De beide eisers verwijzen naar de sententie van het gerecht van 17 juni. Zij verlangen dat de weduwe veroordeeld wordt tot betaling van 75 gulden aan ieder van de eisers. Dit geld zou hen toekomen, wegens nog niet verrekende huur of pacht voor de zeven morgen land, die de weduwe gebruikt heeft tot de boedelscheiding, wegens de opbrengst van de vruchten van het land en de 30 of 40.000 'houpen' die zij heeft gehouden. Uitspraak wordt niet gedaan en op volgende rechtdagen wordt deze zaak nog op de rol vermeld.

      De namen van de kinderen van Hendrik Mors komen nog enige malen voor op de rol van de rechtdagen. Van een enkel proces zijn de uitkomsten niet bekend. Het kan zijn dat delen van het betreffende dingboek verloren gegaan zijn, maar zeer wel mogelijk is, dat uiteindelijk in de meeste gevallen onderling een regeling getroffen is. De processen worden hieronder besproken. Op 6 maart 1604 vindt ogenschijnlijk het laatste rechtsgeding plaats over de afwikkeling van de nalaten